We halen mineralen uit de grond om data op te slaan, zonnepanelen vullen het Noord-Hollandse landschap: terwijl wij data behouden, creëren we een soort ecologische vergeetachtigheid volgens Peled: "Je maakt ergens anders een litteken, je haalt mineralen weg, je vernietigt iets omdat je iets anders wilt behouden. We maken groen in onze steden, en dan zal alles om ons heen woestenij worden. Is dit wat we willen?"
Toch is voor Peled haar werk geen aanklacht tegen technologie op zich en ze is dan ook expliciet over haar eigen verstrengeling erin. "Ik wil ook gewoon met AI spelen. Ik vind het fascinerend”. Maar juist daarom voelt ze ook de verantwoordelijkheid om te vragen waar het naartoe gaat: "Wij zijn de generatie die de wereld nog kende zonder internet en AI, wij hebben de overgang gezien en aangejaagd. Dat geeft ons de verantwoordelijkheid om de impact te documenteren." Ze onderbouwt dat met haar eigen herinnering aan de intrede van het internet: “Het internet kwam met zo’n enorme belofte van vrijheid. We konden niet geloven dat er iets slechts aan zat” – een blindheid die ze nu, bij AI, niet wil herhalen.
Wat niet gedocumenteerd is
In de lecture-performance die ze aan het ontwikkelen is binnen het Fellowship, plaatst ze tegenover deze overvloed aan digitale opslag een ander soort geheugen: het orale, dat van haar eigen familie, Jemenitische Joden die naar Israël migreerden. Haar grootmoeder, door haar kleinkinderen liefkozend "de piraat" genoemd om haar hoofddoek, stierf voordat Nirit haar de vragen kon stellen die ze nu, te laat, wil stellen. "Het is grappig dat toen zij er nog was, ik haar niets vroeg." Wat haar daarbij opvalt, is dat veel mensen dit herkennen, bijna niemand legt herinneringen vast van geliefden terwijl ze nog leven – ondanks alle technologie die daarvoor beschikbaar is.
De afwezigheid van documentatie heeft, zo bedenkt ze, ook een paradoxale kracht. Over het lot van de Jemenitische gemeenschap zegt ze: “Verschrikkelijke dingen gebeurden met de Joden die Jemen verlieten, maar het is niet gedocumenteerd. Dit is niet iets waar ze naar kunnen kijken, dus het wordt een verhaal, een orale geschiedenis, ze vinden er een plek voor.” Ze stelt daar een indringende vraag tegenover, gericht op toekomstige generaties die wél volledig gedocumenteerd zullen zijn: "Wat gebeurt er als alles gedocumenteerd is en we de hele tijd moeten omgaan met de last van het bewijs?" Vergeten betekent hier niet simpelweg achterlaten of verdergaan. Het gaat ook om de mogelijkheid om het verleden op andere manieren te dragen, door te geven en er een plek voor te vinden.
Blijven bij de vraag
Als er iets is dat door het hele gesprek heen als methode terugkeert, is het haar weigering om conclusies te trekken. "Blijf in de vraag," zegt ze meermaals, bijna als motto