di 08 okt 2019

Verslag Internationale NCE-masterclass Montage: Lee Smith, ACE

Een gesprek tussen een van Nederlands vooraanstaande editors Job ter Burg en zijn internationaal opererende collega Lee Smith. Daarnaar luisteren is al een masterclass op zich. Wat Christopher Nolan’s vaste editor Smith vooral interessant maakt? De dingen die hij in tegenstelling tot anderen niet doet, zoals grote actiescènes dichtsmeren met muziek: “Het is soms net alsof ze het toedekken met een warme deken.”

Wellicht zegt het iets over het arbeidsethos van de editors. Al ruim voor tijd staan de bezoekers voor de masterclass met Lee Smith te dringen voor de Blauwe Zaal in de Stadsschouwburg. Ook niet zo verwonderlijk, zowel voor vakbroeders als cinefielen is een gesprek tussen Job ter Burg (de vaste editor van onder meer Paul Verhoeven en Alex van Warmerdam) en Lee Smith (de vaste editor van Christopher Nolan, nu werkend met Sam Mendes) iets om naar uit te kijken.

In de uitverkochte zaal zitten Ter Burg en Smith vooraan achter een zwarte desk. Zoals Ter Burg aankondigt heeft de Nederlandse Vereniging van Cinema Editors (NCE) de gast van deze middag al negen jaar proberen te strikken, sinds de allereerste keer dat ze dit organiseerden. Eindelijk is het gelukt.

Van geluid naar beeld
De Australische Smith begon in een tijd dat de filmindustrie in zijn land op een stijgende lijn zat. Naar zijn zeggen was het belangrijk om je niet al te veel te specialiseren, maar juist álle facetten van het vak leren. Daar lag de echte kans om flink geld te kunnen . Zo was je overal voor inzetbaar. Smith begon eigenlijk in sound editing, maar legde zich gaandeweg toe op editen. Zijn liefde voor geluid is er wel nog steeds, hij werkt het liefst met regisseurs die zijn passie daarvoor delen.

De eerste paar scènes die Ter Burg toont komen uit Fearless, The Truman Show en Master and Commander: The Far Side of the World. Allemaal films die Smith samen met regisseur Peter Weir maakte. De eerste van deze films markeerde zijn switch naar editing. Hij deed hiervoor zowel sound en editing. Weir gaf hem veel vertrouwen. “Hij is een van de besten in het vak. Dat merk je pas als je met andere regisseurs gaat werken.” Master and Commander was de eerste film waar hij een Oscarnominatie voor kreeg: “De traditie was toen om drie editors op een actiefilm te zetten, ik deed deze film alleen. Door Master and Commander kreeg ik een agent. Mijn agent vroeg me: wil je aan een Batman-film werken? Ik zei: Nee, allesbehalve een Batman-film.”

Die Batman-film was van regisseur Christopher Nolan. En Nolan wilde hem hoe dan ook aan boord hebben. Waarschijnlijk juist omdat Smith geen fanboy was en niet van super heroes en comics houdt. “Chris wou dat zijn film Batman Begins voor iedereen zou zijn. Als ik een scène dus zo zou snijden dat ik hem zelf cool zou vinden, dan was het voor andere mensen ook mogelijk zich ertoe te verhouden.”

Als Ter Burg na de pauze een fragment van The Dark Knight aankondigt, is alleen het noemen van de titel al reden voor een luid gejoel in de zaal. Het is een exemplarische scène die laat zien hoe The Joker zowel de politie als Batman vanuit een vrachtwagen onder handen neemt. Juist exemplarisch omdat Smith er geen muziek in gebruikt.

“Doorgaans worden actiescènes dichtgesmeerd met score. Als je dat doet, is het alsof je het toedekt met een warme deken en zegt ‘dit is vreselijk maar in de volgende scène hebben we een diner en praten we erover na.’ Hier durfden we gewoon op het ritme van de sound effects te varen. In Hollywood is dat best wel gedurfd.”

Spelen met tijd
Aan de hand van scènes uit Inception en Interstellar stelt Ter Burg dat Nolan in al zijn films met tijd speelt. Niet altijd makkelijk te volgen. Hoe gaat hij daar als editor mee om? “Ja, ook als de kijker het niet in een keer begrijpt moet de film vermakelijk blijven. In veel van Nolan’s films zijn er meerdere lagen die door de film heen lopen, dan helpt het ook om die lagen zo te schuiven dat ze in het geheugen van de kijker blijven. Je wilt sowieso niet dat het publiek zich dom gaat voelen, dus houden personages die de gedachten van het publiek echoën en ‘wat bedoel je?’ zeggen, het luchtig.”

De les die Smith zijn toehoorders wil meegeven: Snij met een reden, luister naar de dialoog. Waarom teruggaan naar een wide shot terwijl je net nog een close up had in een gesprek? Hoe mooi dat wijde shot ook is, als je daar naartoe gaat, luistert de kijker niet meer naar wat de personages zeggen. Euro shots noemt Smith zulke mooie maar afleidende shots gekscherend. Sexy probeersels, leuk voor in je showreel, maar verder zonder enig nut.

Een van de vragen vanuit de zaal is met welke regisseurs Smith zou willen samenwerken. Het lijkt hem te overrompelen: “Als freelancer ben ik normaal niet in de positie om te kiezen. David Fincher vind ik in zijn stijl erg goed, maar er zijn zo veel goede regisseurs.” Neill Blomkamp vindt hij ook erg goed (met wie hij Elysium maakte, red.). “Paul Verhoeven is al vergeven”, zegt hij met een knipoog tegen Job ter Burg.

Omdat de middag na ruim drie uur op zijn eind loopt, vraagt Ter Burg aan Smith om de zaal te vertellen over de spreuk die Smith op zijn white board in zijn werkruimte heeft geschreven: “Daar staat op ‘repetition is death’, en daaronder heb ik gezet ‘repetition is death’. Je moet het landschap laten bewegen, het moet vooruit blijven gaan.” Smith heeft het nog maar net met de zaal gedeeld, of uit handen van de organisatie krijgt hij een t-shirt cadeau waarop zijn eigen spreuk twee keer staat vermeld. Verbaasd neemt hij het in ontvangst: “Dat heb ik jullie nog geen vier uur geleden verteld. Jullie zijn super efficiënt.”

Meer Masterclass verslagen lezen? Lees hier alle verslagen met onder andere Michael Engler, Andy Hill en Fiona Crombie.

Tekst: Alexander Zwart