wo 09 okt 2019

Interview met Catherine van Campen van MISSIE NS

Met MISSIE NS vertelt filmmaker Catherine van Campen het verhaal van de Nederlandse Spoorwegen. Of beter gezegd: het verhaal van het verhaal.

Klaag je zelf vaak steen en been over de NS?

“Nee, maar ik ben ook geen fervente treinreiziger en heb ook geen kortingskaart of abonnement. Ik reis maar af en toe met de trein, als ik naar mijn Rotterdamse editor moet. Zo is het idee voor deze documentaire trouwens ook ontstaan. Er was regelmatig van alles aan de hand met de intercity direct. Dan zag ik machinisten heel veel moeite doen om reizigers naar een andere trein te dirigeren en hoorde die eindeloze stroom stationsomroepen. De vraag ‘Waar zit dat crisisteam, en waarom is er zo veel miscommunicatie?’ was de trigger. Maar hoe pak je zo’n groot onderwerp aan? We hadden net de verkiezingen achter de rug waarin Wilders fors had gewonnen, en de permanente staat van ontevredenheid over de NS leek me goed gegeven om iets over de stand van het land te zeggen. Alleen haalde de realiteit me in, want de NS ligt nu veel minder onder vuur en de klanttevredenheidscijfers schieten door het dak. De film concentreert zich nu op wat zo’n grote organisatie eraan doet om het imago te keren. Het interessante is dat reizigers er vooral uithalen wat voor moeite, tijd en energie er wordt geïnvesteerd, terwijl mensen uit het bedrijfsleven met kromme tenen kijken naar de hele marketingmachine. Dan krijg ik terug dat ze de kantoorscènes soms tenenkrommend vinden, net JISKEFET. Maar het is een subtiele film hoor, je mag zelf een oordeel vormen.”

Het was voor het eerst dat de NS de deuren wagenwijd opengooide voor een documentaireploeg: van de boardroom tot de schoonmakerskamer. Als je eenmaal binnen bent, gaat het zeker van een leien dakje?

“Het was een hel! Een bureaucratische hel. De Raad van Bestuur had volmondig ‘ja’ gezegd, maar je stuit onherroepelijk ergens op een manager die het toch geen goed idee vind. Door al die bureaucratie duurde het maken twee keer zo lang als gedacht. Daarbij komt dat de deur natuurlijk wel potdicht zat op alle gevoelige dossiers, dan weegt het belang van een documentaire niet op tegen de miljoenenbelangen van zo’n kolossaal bedrijf.”

Volgens mij had je heel wat materiaal om mee te slepen naar de editor in Rotterdam?

“Aan het eind had ik honderd uur aan beeld. Neem alleen al zo’n conducteursvergadering: die duurt met gemak zes uur. Daar belanden dan uiteindelijk een paar zinnetjes van in de film. En dan zijn er nog zoveel dossiers en onderwerpen die we niet aan bod konden laten komen. In de montage zochten we naar een structuur. Dat werd hoe een bedrijf een verhaal over zichzelf construeert. Via tv-commercials, bedrijfsfilmpjes, marketing. Dat verschilt natuurlijk niet van hoe wij dat zelf ook doen. Op Instagram en Facebook zenden en sturen wij ook gericht boodschappen, maken we verhalen net wat mooier dan de werkelijkheid. Zo bezien is de Missie NS geen spiegel van de toestand van Nederland, maar van wat er vandaag de dag wereldwijd speelt. Over de kracht van verhalen.”


Bekijk de trailer: