In Memo­riam — NFF 2020

Jaar­lijks staan we tijdens het Neder­lands Film Festival stil bij de betekenis van film­pro­fes­sionals voor de Neder­landse film die overleden zijn sinds de vorige editie van het NFF. We hebben Hans Beerekamp gevraagd om dit jaar de overleden film­pro­fes­sionals sinds de 39e editie van het NFF te herinneren.

Peter van Bueren
78, Amsterdam, 26 maart 2020 Neder­lands filmjour­nalist. Invloedrijk criticus, voor veel film­liefheb­bers het kompas waarop zij koer­sten. Aanvanke­lijk bij dagblad De Tijd (1963−74), ook als cabare­tre­censent, daarna voor de Volk­skrant, vanaf 1977 als opvolger van film­redac­teur B.J. Bertina, na eerst drie jaar tv-recen­sies te hebben geschreven. Werd gedreven door een gepas­sioneerde vorm van cine­filie, die zo goed als geen tegen­spraak duldde. Adoreerde film­makers als Andrei Tarkovski en Joris Ivens, en later vooral Aziatische regis­seurs, zoals Hou Hsiao-hsien en Lee Chang-dong. Koes­terde lang­durige vetes, zowel met collega’s als met sommige film­makers. Maar nadat hij in een kritiek van Rembrandt fecit 1669 (1977) regis­seur Jos Stelling naar de psychi­ater verwezen had, resul­teerde een goed gesprek uitein­delijk in een lange vriend­schap­pelijke relatie. Moest na vele conflicten met de hoof­dredactie in 2002 de krant verlaten. Vaak botsten de opvat­tingen over de vraag hoe domi­nant de artistieke film moest zijn in relatie tot Holly­wood en andere publieks­films op de film­pagina. Redac­teur en later bestu­urder van film­blad Skoop (1978−93). Schreef ook voor de film­bladen Filmfan en Skrien. Initi­atiefnemer en redac­teur (met Jan Heijs en Hans Beerekamp) van het Jaar­boek Film (vanaf 1981), medeo­prichter (1982) en erelid van de Kring van Neder­landse Filmjour­nal­isten (KNF). Adviseur van verschil­lende film­fes­ti­vals in binnen- en buiten­land. Te zien in docu­men­taires als Parradox (over regis­seur Pim de la Parra; In-soo Radstake, 2010) en Ongoing Smile (over festi­valdirecteur Kim Dong-ho; Mohsen Makhmalbaf, 2013). Winnaar van de Louis Hart­looper Oeuvreprijs voor de filmjour­nal­istiek (2014). Een selectie van zijn artikelen, die hij zelf van een naschrift voorzag, zijn te vinden op de website van de KNF.
Rene Daalder
75, Ventura County CA, 31 december 2019 Neder­lands film­maker, vroeger bekend als Renee Daalder, maar dat schiep in de VS verwar­ring over zijn gender. Vormde op de Filmacad­emie met geestver­wanten Jan de Bont, Frans Bromet, Rem Kool­haas en Samuel Meijering de zoge­heten 1 – 2‑3-groep, die zich verzette tegen de auteurscinema en waarvan de leden om beurten de tech­nische taken, de regie, de productie en het acteren op zich namen, bij voor­beeld in hun gefilmd mani­fest 1 – 2‑3-rhap­sodie (1965). Maakte vervol­gens de korte films Body and Soul (1966) en Lichaam en ziel 2 (1967), gevolgd door de lange speelfilm De blanke slavin (1969). Die flopte, maar kreeg over­we­gend goede kritieken. Emigreerde naar Holly­wood waar hij op voor­spraak van cultregis­seur Russ Meyer de klassiek geworden exploitatiefilm Massacre at Central High (1976) regis­seerde. Bleef in Cali­fornië vernieuwende, onder vakgenoten hoogge­waardeerde produc­ties maken, zoals een 17 minuten durende clip voor Super­tramp getiteld Brother Where You Bound (1985), de punkmu­sical Popu­la­tion: One (1985), het postapoc­a­lyp­tische Habitat (1996), de psychi­a­trische horror Hysteria (1997) en exper­i­menten met virtual reality en 3D, zoals het nooit voltooide animatiepro­ject Straw­berry Fields over Beatles-liedjes. Docu­men­taire over de spoor­loos verd­wenen kunste­naar Bas Jan Ader, Here Is Always Some­where Else (2007), werd genom­i­neerd voor een Gouden Kalf. Gevolgd door docu­men­taire Terres­trials (2010) over lsd-goeroe Timothy Leary. Scenar­i­o­credit samen met de regis­seur voor De laatste trein/​Blokpost (Erik van Zuylen, 1975). Sprak over collega Adriaan Ditvoorst in de docu­men­taire De domeinen Ditvoorst (Thom Hoffman, 1992). Schreef columns voor film­blad Schokkend Nieuws. Tot zijn laatste werken behoren een persoon­lijke docu­men­taire over zijn jeugdvriend Rem Kool­haas, Leaning Towers (2014), en de creatie van de online community Space Collec­tive, in samen­werking met grafisch designer Folkert Gorter and Joshua Pangell, later ingekapseld in Cargo Collec­tive, een nog steeds bestaand succesvol site-building platform.
Jogchem van Dijk
81, 3 april 2020 Neder­lands cameraman. Vanaf jaren 60 tot 1998 in vaste dienst bij de VPRO, waar hij meew­erkte aan talloze docu­men­taires en andere programma’s. Wordt beschouwd als een van de bepal­ende factoren in de zoge­heten VPRO-school van de Neder­landse docu­men­taire, geken­merkt door levendig, soms lyrisch camer­awerk op locaties, die op een onge­bruike­lijke manier geob­serveerd worden. Een kleine greep uit zijn tv-werk: Vreemdeling op een plein (Huib de Vries, 1964), Berichten uit de samen­leving (1969−75), Het Gat van Neder­land (1972−78), East Harlem Block Schools (Bob Ris, 1972), Zipcode – Wounded Knee (Roelof Kiers, 1973), Roerig Amsterdam (Annemarie Prins, 1973), Heren­leed (Cherry Duyns, 1973 – 97), Culem­borg bijvoor­beeld (Pieter Verhoeff, 1974 – 75), Een rode draad (Eric de Lange, 1977), Emma! (Hans Keller, 1979), Modern leven (Verhoeff en Germaine Groe­nier, 1979), Het mysterie der zwevenden (Cherry Duyns, 1980), The History of the SF Film (Thijs Ockersen, 1982), The Freudian Slip (René Seegers, 1984), De nieuwe mens (Frank Wiering, 1984), De gedaan­tev­er­wis­seling (Cherry Duyns en Armando, 1985), Diogenes (1985−98), Beter dan God (Wim Kayzer, 1987), Nauwgezet en wanhopig (Wim Kayzer, 1989), Lotgevallen (Cherry Duyns, 1989), Atlantis (Hank Onrust, 1990), Laatste getu­igen (Cherry Duyns, 1991), Een schit­terend ongeluk (Wim Kayzer, 1993), Hotel Atonaal (Keller, 1993), Mart Stam, de archi­tect (Hank Onrust en Gerrit Oorthuys, 1996), Toon­meesters (Cherry Duyns en Rein­bert de Leeuw, 1997) en Van de schoonheid en de troost (Wim Kayzer, 2000). Werkte niet of nauwelijks voor bioscoop­pro­duc­ties. Leer­meester van onder meer collega-camer­alieden Kester Dixon, Jackó van t Hof en Jules van den Steen­hoven. Voor­malig VPRO-tv-hoof­dredac­teur Frank Wiering noemde Van Dijk de beste cameraman ooit’. 
Thomas Elsaesser
76, Beijing, 4 december 2019 Duits filmweten­schapper, ‑historicus, ‑criticus en docu­men­taire­maker. Hoogleraar Film- en Tele­visieweten­schappen aan de Univer­siteit van Amsterdam (UvA) (1991−2002), waar hij als wegbereider aantrad. Richtte ook samen met EYE Filmin­sti­tuut, Beeld en Geluid en de UvA de mastero­plei­ding Preser­va­tion & Presen­ta­tion of the Moving Image op (2003). Daarna onder­zoek­spro­fessor (2001−08) en verant­wo­ordelijk voor een PhD-programma Cinema Europe, aange­boden in samen­werking met de Amsterdam School of Cultural Analysis, waarvan hij een van de oprichters was. Opgevolgd als hoogleraar door Patricia Pisters. Na zijn pensioen in 2008 bleef hij als emer­itus-hoogleraar actief betrokken bij het acad­emisch onder­wijs. Gasthoogleraar aan Yale Univer­sity (2006−2012) en Columbia Univer­sity (sinds 2013). Aanvanke­lijk vooral actief in Enge­land als univer­si­tair docent, met name als oprichter en voorzitter van Film Studies aan de Univer­sity of East Anglia in Norwich (1976−86). Hoof­dredac­teur van verschil­lende filmti­jd­schriften en auteur van vele boeken en artikelen. Schreef onder meer over Douglas Sirk, Rainer Werner Fass­binder, de nieuwe Duitse cinema, Harun Farocki, Fritz Lang, Alexander Kluge, film in de Weimar­repub­liek en vele andere onder­w­erpen, vaak ook met een theo­retisch karakter. Alge­meen redac­teur van de serie Film Culture in Tran­si­tion, uitgegeven door Amsterdam Univer­sity Press, waarin zestig delen onder zijn redactie versch­enen. Schreef, regis­seerde en copro­duceerde een docu­men­tair filmessay over zijn groot­vader, archi­tect en steden­bouwkundige Martin Elsaesser: Die Sonneninsel/​The Sun Island (2017). Ridder in de Orde van de Neder­landse Leeuw (2006). Over­leed tijdens een gast­do­centschap in China. 
Bob Fosko
64, Amsterdam, 28 februari 2020 Neder­lands muzikant, zanger en acteur, arti­esten­naam van Geert Timmers. Opgeleid aan de Acad­emie voor Expressie door Woord en Gebaar in Utrecht. Maakte deel uit van De Raggende Manne en de satirische act Hakkûhbar (1996−97). Schreef campag­neliedjes en trad op in spots voor de SP. Speelde in enkele films van zijn goede vriend Martin Kool­hoven: De grot (2001), Knetter (2005) en de korte acad­e­miefilm Koekoek! (1995), alsmede de lange clip van Hakkûhbar Vet heftig – de video (1997). Begon met acteren als crim­i­neel’ in trainingsprogramma’s van de Poli­tiea­cad­emie (1982). Overige films: Zonder Zelda (voor tv; Maarten Treurniet, 1997), Pietje Bell II: De jacht op de tsarenkroon (Maria Peters, 2003), My Queen Karo (Dorothée Van Den Berghe, 2009), Sinterk­laasjour­naal: De Meezing Moevie (als Pietje Precies; Dennis Bots en Rita Horst, 2009), de korte acad­e­miefilm Circus 3D (Jonathan Elbers, 2011), Mijn vader is een detec­tive: The Battle (Will Wissink, 2012), De groeten van Mike! (Maria Peters, 2012), de korte film Kees (48 Hour Film Project; Willem de Groot, 2013), Smoorver­liefd (Hilde Van Mieghem, 2013), Uilenbal (Simone van Dussel­dorp, 2016), Mees Kees langs de lijn (Aniëlle Webster, 2016) en de korte films Een ons geluk (top-billed; Bart Mijnen, 2016) en Blood Group (Daan Bunnik, 2020). Ook te zien in de clip Hoopla van Sven Hammond Soul (2019). Talloze tv-rollen, in series als Bureau Kruis­laan (1995), Unit 13 (1996), Baan­tjer (1998), Flodder (1998), Blauw blauw (1999), Bij ons in de Jordaan (Willem van de Sande Bakhuyzen, 2000), ZOOP (2004), Vrij­land (2012), Goede tijden, slechte tijden (2016), Het geheime dagboek van Hendrik Groen (Tim Oliehoek, 201719) en Kees & Co (2019).
Boris Gerrets
72, Berlijn, 26 maart 2020 Neder­lands regis­seur, scenar­ioschri­jver en editor. Zijn met een tele­foon gedraaide film People I Could Have Been And Maybe Am (regie, copro­ductie, sound design, camera, setgeluid, scenario en montage; 2010) werd genom­i­neerd voor een Gouden Kalf in de cate­gorie Korte Docu­men­taire en won de regieprijs (middel­lange docu­men­taire) in Nyon en op IDFA. Eindex­amen aan de kunsta­cad­emie van Düssel­dorf (1976) na eerdere studies archi­tec­tuur (Aken) en kunst­geschiedenis (Bonn). Was onder meer actief als danser, beeldend kunste­naar en acteur. Werkte vaak met produ­cent Pieter van Huystee. Filmde­buut als co-regis­seur van de in Pompeii opgenomen korte dans­film Ici, main­tenant ou jamais (tevens scenario, samen met Robert Steijn en Désirée Delauney, 1990). Regis­seerde de korte docu­men­taires Tuin­ver­halen (2004), Droom­ri­jders (2006) en de lange docu­men­taires Shado’man (in Sierra Leone, tevens camera en scenario; 2013) en Lamen­ta­tions of Judas (in Zuid-Afrika; 2020), gese­lecteerd als open­ings­film van het festival Movies That Matter. Montage van de de lange speelfilm Tramon­tana (Ramón Gieling, 2009), de lange docu­men­taires First Kill (Coco Schri­jber, 2001), Aya Sofya Amsterdam (Jack Janssen, 2007), Otto Frank, de vader van Anne (David de Jongh, 2010), Wilders, the Movie (Joost van der Valk en Mags Gavan, 2010), Anton Corbijn Inside Out (Klaartje Quir­ijns, 2012) en Your Mum and Dad (tevens scenario; Quir­ijns, 2019), de korte docu­men­taires 10 Geboden – Het was weer zondig (Fatima Jebli Ouaz­zani, 2000), Getekend land (Peter Veer, 2004), Robert, Mary en Katrina (Marjoleine Boon­stra, 2006), Mijn vrienden (Lidija Zelovic, 2007), Diary of a Times Square Thief (Klaas Bense, 2008), De links­buiten (over Piet Keizer; Gieling, 2008), Deuren naar de ziel (Eliz­a­beth Rocha Salgado, 2008), One Fine Day (samen met Sander Kuipers; Klaas Bense, 2012), Herin­nering aan een trieste dageraad (Gieling, 2014), Paolo Ventura, de verd­wi­j­nende man (samen met de regis­seur; Erik van Empel, 2015), Beyond My Walls (Neske Beks, 2015) Welkom op de hemelse aarde (Judith de Leeuw, 2017) en de korte speelfilm Marzipan (Carolina Feix, 2006). Camera bij de korte vide­ofilm Leerdam (Lydia Schouten, 1998). Speelde een kleine rol in De bunker (Gerard Soeteman, 1992). 
Pieter Goed­ings
83, Amsterdam, 28 september 2020 Neder­lands bioscoop­ex­ploitant, distrib­u­teur en produ­cent. Schreef geschiedenis toen hij in 1971 een van de oudste bioscoopzalen van Amsterdam, het sterk vervallen Hollandia aan de Haar­lem­merdijk, kocht en verbouwde tot een stijlvol arthouse in art deco-stijl (hij handelde zelf ook in objecten uit dat tijd­perk). De nieuwe bioscoop The Movies werd al snel een groot succes, ondanks aanvanke­lijke prob­lemen met het verw­erven van films met een artistiek gehalte en aantrekkingskracht voor een breed publiek. Goed­ings’ voor­ma­lige werkgever Piet Meer­burg, voor wie hij onder meer oper­a­teur was geweest in het Leid­se­pleinthe­ater en De Uitkijk, verweet Goed­ings zelfs filmkopieën te hebben gestolen voor vertoningen in besloten kring onder de naam Old Time Movies Club. Al snel besloot Goed­ings zelf films te gaan distribueren onder het label The Movies Film Distri­b­u­tion, met gebruik­making van een licentie van Meteor Film. Haig Balian, een zoon van de eige­naar van Meteor, werd Goed­ings’ zaken­partner in distrib­utie, terwijl er vooral goed verdiend werd met niet-commer­ciële vertoningen op 16mm (video of dvd bestond nog niet); de smal­film­sectie heette Clas­sics en werd geleid door Wallie Pollé, die zich destijds Wallie Woop noemde. Goed­ings en zijn vrouw Wil stonden zelf aan de kassa of aan de deur van de zaal om de kaartjes te scheuren, met woorden als: Meneer/​mevrouw, ik heb weer een prachtige film voor u uitgekozen, u zult niet teleurgesteld zijn.’’ Het ging om gigan­tische arthouse-successen zoals Una gior­nata parti­co­lare (Ettore Scola, 1977) en Die Blechtrommel (Volker Schlön­dorff, 1979) of oude favori­eten als The Robber Symphony/​De rover­ssym­fonie (Friedrich Feher, 1940) of Les enfants du paradis (Marcel Carné, 1944). Grote zake­lijke onenigheden, zoals tussen Goed­ings en Meer­burg, bestonden er ook tussen Goed­ings en festi­valdirecteur en alter­natief distrib­u­teur Huub Bals. Balian zou later met een andere zaken­partner, Chris Brouwer, films gaan produc­eren onder de naam Movies Film Produc­tions. Goed­ings hielp, veelal op inven­tieve wijze, soms ook lastig in de markt liggende Neder­landse filmers om financiering te vinden; zoals bij de op de Tien Geboden gebaseerde De mantel der liefde (Adriaan Ditvoorst, 1979). Goed­ings speelde een hoof­drol in de merk­waardige korte film, Aan de deur (Thijs Ockersen, 1977), als een man die bij een willekeurig adres aanbelt met de vraag of hij het toilet mag gebruiken, en dan spoor­loos verd­wijnt. Een jonge medew­erker van ziekenom­roep Zaanstad, die Goed­ings kende uit zijn dorp Jisp, wilde graag met sterren praten en mocht in 1979 mee naar Cannes, evenwel zonder verdere finan­ciële onder­s­te­uning. Het jaar daarop kon René Mioch al zelf een hotelkamer betalen. Na de verkoop van de bioscoop aan de film­pro­du­centen Matthijs van Heijningen en Roeland Kerbosch, rond 1990, verd­ween Goed­ings uit het zicht. Vader van produ­cent Petra Goedings. 
Wessel van der Hammen
69, Hilversum, 15 november 2019 Neder­lands eindredac­teur docu­men­taire bij IKON-tv. Voluit Wessel Abraham van der Hammen. Werkte van 1972 tot 2004 voor omroep IKON, onder meer als gelu­idsman, (eind)redacteur van actu­aliteit­en­rubriek Kenmerk en hoofd van de kleine, maar invloedrijke docu­men­taire-afdeling. Een van de door Van der Hammen mogelijk gemaakte docu­men­taires was het inter­na­tionaal succesvolle Arna’s Chil­dren (Danniel Danniel en Julio Mer Khamis, 2003). Was ook copro­du­cent van inter­na­tionale docu­men­taire produc­ties als White King, Red Rubber, Black Death (Peter Bate, 2003). Een kleine greep van onder zijn eindredactie tot stand gekomen (tv-)documentaires: Johnny Meijer (John Appel, 1993), Voortvluchtig (over Srebrenica; Gert Corba, 1997), Please Hold the Line (Simone König, 1999), Het lied van 80 lentes (Marieke van der Winden, 2000), Amerika is net als Albanië (Rob Hof, 2000), Oost­en­wind: de geschiedenis van Neder­landse Chinezen (Karina Meeuwse, 2000), De erfenis (Monique Nolte, 2000), In de wolken (Gilles Frenken, 2000), de serie De 10 geboden (2001), Verdronken land (Carin Goei­jers, 2001), Zonen van Suri­name (René Roelofs, 2001), Zijkanaal B: Van vrij­plaats tot woon­boot­boule­vard (Huib Stam, 2001), Mama Benz en de smaak van geld (Karin Jünger, 2002), Blois, couleur locale (Rolf Orthel, 2002), Vechter­shart (Hans Pool en Maaik Krijgsman, 2003), We hielden zoveel van mekaar Fairuz (Jack Janssen, 2003), Dans, Grozny, dans (Jos de Putter, 2003), De verbeelding van de Holo­caust (Oeke Hoogendijk, 2003), Voor ik doodga (Menna Laura Meijer, 2003), Senegal surplace (Appel, 2003), Echter dan echt (Sunny Bergman, 2004), Uit Holland (Boudewijn Koole, 2004), Zielen van Napels (Vincent Monnikendam, 2005) en Zomaar een dag – Vrouwen van Srebrenica (Lidija Zelovic, 2005). Programma-adviseur van IDFA en adviseur van het NPO-Fonds. Getrouwd met jour­nalist Yvonne Scholten, vader van editor Ruben van der Hammen. 
Nikolai van der Heyde
84, Laren (NH), 6 augustus 2020 Neder­lands film­maker. Zoon van een Wit-Russische moeder en een Friese vader. Toon­aangevend in de zoge­heten Eerste Golf van Neder­landse film­makers, die zich liet inspir­eren door de Franse nouvelle vague. Eindex­amen Neder­landse Filmacad­emie in 1964, waarna hij met geld van bier­mag­naat Freddy Heineken de inter­na­tionaal hoogge­waardeerde arthouse­film Een ochtend van zes weken (tevens scenario en montage; 1966) maakte. Het publiek bleef weg, net als bij To Grab the Ring (tevens scenario, competitie Berlijn; 1968). De eerste hit was Angela – Love Comes Quietly (tevens scenario, competitie Berlijn; 1971), die deel uitmaakte van het Wonder­jaar van de Neder­landse film, toen ook de eveneens erotisch geladen speelfilms Wat zien ik? (Paul Verho­even), Blue Movie (Wim Verstappen), Mira (Fons Rade­makers) en Daniël (Erik Terp­stra) alle­maal succesvol waren. Van der Heydes grootste commer­ciële succes was de verfilming van Toon Kortooms’ Brabantse streekroman Help, de dokter verzuipt! (1974), maar het vervolg Laat de dokter maar schuiven (tevens scenario; 1980) flopte. Dat geldt ook voor twee andere late films van de regis­seur, de klucht De dwaze lotgevallen van Sher­lock Jones (tevens scenario, met Piet Bambergen; 1975) en het door de kritiek hard aangepakte Nitwits (tevens scenario en productie; 1987). Daarna vooral actief voor de Duitse tele­visie. Drie vroege korte speelfilms, De kegel­baan (tevens scenario; 1963), Een boogschutter (tevens montage; 1965) en 11:50 from Zurich (1969), alsmede een korte opdracht­film, Gas 225 (1969). In 1963 een van de oprichters (samen met onder anderen Wim Verstappen en Pim de la Parra) van het film­blad Skoop. 
Barbara Hin
56, 21 juli 2020 Neder­lands editor en regis­seur. Dochter van film­maker Kees Hin. Vestigde haar repu­tatie als editor door de montage van de ruim vier uur durende docu­men­taire Amsterdam, Global Village (Johan van der Keuken, 1996). Regis­seerde de korte films Door de muur (tevens productie en scenario; 1990), Het kistje (samen met Carina Elle­mers, 1997) en Steiger­pijp (samen met Martin van der Veen, 2009). Editor van de lange speelfilms Het schaduwrijk (tevens cosce­narist en regie-assis­tent; Kees Hin, 1993) en Woyzeck – een man wordt moor­de­naar (Kees Hin, 2005). Montage van de lange docu­men­taires Ghatak (segment Kees Hin, 1990), There­sien­stadt – film of waarheid (Kees Hin en Sandra van Beek, 1995), Leven met je ogen (Ramón Gieling, 1997), Klein voor altijd (Barbara den Uyl, 1999), De laatste dagen van het atelier Frans van de Staak (Kees Hin, 2002), I soeni, de droom (Carin Goei­jers, 2003), Cinéma invis­ible – Het boek (Kees Hin, 2005), God Is My DJ (Carin Goei­jers, 2006), De Schat­ten­berg (Monique Verhoeckx, 2007), Shout (Ester Gould en Sabine Lubbe Bakker, 2010), Onverk­laar­baar (samen met Sander Vos; Patrick Biss­chops, 2010), De beslissing van Wim Maljaars (Kees Hin en Sandra van Beek, 2011), Grenzen (Jacque­line van Vugt, 2013), Flat Earth (Monique Verhoeckx, 2014), Home (Gieling, 2014), In Groove We Trust (Robin van Erven Dorens, 2014), Levenslang (Carin Goei­jers, 2014), Erbarme dich – Matthäus Passion Stories (Ramón Gieling, 2015), Dick Verdult: Het is waar maar niet hier (Luuk Bouwman, 2017), Lady of the Harbour (Sean Wang, 2017), Kabul, City in the Wind (Aboozar Amini, 2018), De fietser (Kees Hin, 2018), Smog Town (Meng Han, 2019) en Allen tegen allen (Luuk Bouwman, 2019). Enkele korte speelfilms: Kiss Napoleon Goodbye (Lydia Lunch en Babeth M. van Loo, 1990), Dachkammer (Elsbeth Dijk­stra, 1994), Sea Values (Lucia King, 1995), het driedelige Moving Pictures (Carina Elle­mers, 1996 – 99), Frans! Monu­ment voor een film­maker (K. Hin, 2002), Dancing across the Water – Meissie meissie (Kees Hin, 2002), Zeewind (Bernard Lier, 2005) en Nevel (Bernard Lier, 2006). Tot de vele korte docu­men­taires die zij monteerde behoren Rietveld (Marijke Bresser, 1990), Our Inflam­mable Film Heritage (Mark-Paul Meijer, 1994), To Sang foto­studio (Johan van der Keuken, 1997), Staatsin­richting 313 UIP R.T. (Dijk­stra, 1999), Niet bij brood alleen (Leen van den Berg, 1999), de compi­latie Temps/​Travail (Johan van der Keuken, 2000), De nieuw­er­wetse wereld (Carin Goei­jers, 2000), 5X mijn kamer (Tamara Miranda, 2001), Verdronken land (Carin Goei­jers, 2001), Reisver­halen – De Goudlijn (Hans Hylkema, 2002), Lagonda (Robin van Erven Dorens, 2003), Dal der zuchten (Carin Goei­jers, 2004), Oude vogel (Hanneke Stark, 2005), Brieven uit Oost­ende (Hanneke Stark, 2007), Dans voor het leven (Marijke Jong­bloed, 2010), Toen was ik al beroemd (Carin Goei­jers, 2010), Hoger dan de Kuip (Inge­borg Jansen, 2011), C.K. (Barbara Visser, 2012), Donker Oss (Luuk Bouwman, 2012), Moving Stills – Kadir van Lohuizen (Tinus Kramer, 2013), But Now Is Perfect (Carin Goei­jers, 2018) en Vieren wat kapot is (Denise Janzée, 2020). Partner van film­maker Robin van Erven Dorens. 
Jaap van Hoewijk
57, 26 april 2020 Neder­lands docu­men­taire­maker. Zijn meest recente film Piet is weg (2017), over een dertig jaar oude vermissing op Texel, kreeg een nomi­natie voor het Gouden Kalf in de cate­gorie korte docu­men­taire. Volgens velen had Van Hoewijk het Kalf moeten ontvangen voor zijn meest persoon­lijke film, Fami­liege­heim (2001) over de system­a­tische ontrafeling van geheimen rond de dood van zijn eigen vader in 1973. De onher­roe­pelijkheid van de dood speelde een rol in veel van Van Hoewijks docu­men­taires, zoals het korte Toen de dood ons scheidde (1990) en een tweeluik over de dood­straf in de Verenigde Staten: Proce­dure 769 – The Witnesses to an Execu­tion (1995) en Killing Time (2013). Studeerde film aan de AKV/​St. Joost in Breda. Maakte ook films als Een zucht tot zien (1989), Dag alle­maal (2002), Kill Your Darling (2012) en Kleine delicten (2015). Voor tv maakte Van Hoewijk de reportage Aanger­aakt (samen met cameraman Rikkert Boon­stra, 2000) over reval­i­datie na een hersen­bloeding en de kunst­doc­u­men­taire Beitel en hart: Ossip Zadkine (2003). Produceerde naast een aantal van zijn eigen films als uitvo­erend produ­cent de compi­latiedoc­u­men­taire Nader tot Máxima (Albert Elings en Eugenie Jansen, 2002), Voor­land (Albert Elings en Eugenie Jansen, 2005), Kinder­jaren (Piet Oomes, 2006), de korte speelfilm A Lapse of Time (Fiona Tan, 2007) en Calling E.T. (Prosper de Roos, 2008). Opname setgeluid voor Yoy – Vast aan de ketting (Aliona van der Horst, 1998) en De man die zich opblies (Rikkert Boon­stra, 2001). 
Hans Keller
82, Amsterdam, 19 december 2019 Neder­lands tv-maker, regis­seur en jour­nalist. Herken­baar aan zijn door­rookte, eiken­houten commen­taarstem. Een van de grond­leg­gers van wat bekend zou worden als de VPRO-school van Neder­landse docu­men­taires. Nam als tv-criticus van de Volk­skrant (pseudoniem: Verrek­ijker) in 1961 het initi­atief tot het uitreiken van de Zilv­eren Nipkowschijf (samen met Henk Schaafsma, NRC en Han G. Hoek­stra, het Parool). Ging tv-programma’s maken voor achtereen­vol­gens AVRO (1962−64) en KRO (1964−68), totdat hij vanaf 1969 bij de VPRO de vrijheid kreeg om essay­is­tische, culturele docu­men­taires te maken, met veel oog voor alledaagse details. Het meest invloedrijk werd de rubriek Het Gat van Neder­land, die in 1973 de Nipkowschijf zou winnen. L.J. Jordaan­prijs voor Daar, aan het eind van de gang – Over het Ferrara van Giorgio Bassani (2001). Bekendste titels uit het werk van Keller, dat zich vrijwel uitslui­tend tot tele­visie beperkte: In de geest van Ajax (1969), Joris Ivens (1970), Overal zijn indi­anen (over België; 1970), Anthony Impe­riale (1971), Twee weken in een ander stadje (1971; Revis­ited, 1991), Missis­sippi is niet meer wat het geweest is (1972), Terug­keer naar het Zilver­meer (1973), Vast­ber­aden, maar soepel en met mate… (samen met HJA Hofland en Hans Verhagen, 1974), Het dronken schip (1982), Amsterdam, Montana (1988), Was dat mortiervuur of bonst mijn hart zo? (over de film Casablanca; 1988), De voorgeschiedenis (1989), de opdracht­film voor KLM Een geschiedenis van de toekomst (1989), Naar Mozam­bique! (met en over dichter Remco Campert; 1990), Laatste open dag (1990), De sprong naar het zuiden (over schri­jver Konstantin Paus­tovski; 1990), Sjarov in Holland (1991), Verhalen over de kleuren van Europa (1992), Bad Girls of Music (1992), De uitvin­ding van Amerika – De resten van Utopia (1993), Hotel Atonaal: Rendez-vous der Vijftigers (samen met Remco Campert, 1993), Voet­noten bij een oeuvre (over cineast Herman van der Horst; 1994), Josef Roth’s Grosse-Welt-Bioskop-Theater (1994), Het alfabet van Remco Campert (1996), Verhalen uit het land van de voldongen feiten (1997−98), Spiegel­be­zoek (over dichter Leo Vroman en componist Henny Vrienten; 1999), Cesare Pavese, een man alleen (samen met Hein Aalders, 1999), In de tijd­ma­chine door Japan (2000), De verd­wenen person­ages van Han Bentz van den Berg (samen met Roel Bentz van den Berg, 2002), Het bewolkte bestaan van Louis van Gasteren (2007) en Kees Fens, erfge­naam van een lege hemel (2008). Verza­melde als dagsluiting’ voor de VPRO beeld­frag­menten waarin een dichter uit eigen werk voor­leest, onder de titel Dode dichters almanak (1998−2014). Het was een voor­name reden om Keller in 2005 de Laurens Janszoon Coster­prijs toe te kennen. Vanaf 1979 korte tijd directeur van de Rotter­damse Kunst­stichting, en als zodanig eind­ver­ant­wo­ordelijke van het festival Film International. 
Johan Ooms
75, Amsterdam, 14 mei 2020 Neder­lands acteur. Eindex­amen Amster­damse Toneelschool (1968), daarna onder meer verbonden aan het Nieuw Rotter­dams Toneel, het Publiek­sthe­ater en het Nationale Toneel. Werd vooral bekend door het spelen van cabaretier Louis Davids in meerdere theater- en tv-produc­ties. Ook regel­matig als geestelijke of gevan­genis­di­recteur. Filmde­buut in het middel­lange Rigor mortis (Dick Maas, 1981), daarna als mahar­ishi in Hoge hakken, echte liefde (Dimitri Frenkel Frank, 1981). Ook in De mannet­jes­maker (Hans Hylkema, 1983), De ijssalon (Frenkel Frank, 1985), Dorst (Willy Bree­baart, 1988), Rituelen (Herbert Curiël, 1989), het middel­lange Een scherzo furioso (Mari­anna Dikker, 1990), Een dubbeltje te weinig (André van Duren, 1991), De kleine blonde dood (Jean van de Velde, 1993), het korte The Oath (Tjebbo Penning, 1996), Karakter (Mike van Diem, 1997), Zus & zo (Paula van der Oest, 2001), Kees de jongen (Van Duren, 2003) en de eindex­a­m­en­pro­ductie (HKU) De tweede biecht (Jasper Verkaart en Vincent van Willegen, 2013). Op tele­visie onder meer in Mensch durf te leven (Dimitri Frenkel Frank, 1980), de jeugdserie Thomas & Senior (Karst van der Meulen, 1985), De gevan­gene (Walter van der Kamp, 1986), De zoon van Louis Davids (1986) en de series Zeg ns AAA (1990), Medisch Centrum West (1991), De zomer van 45 (Bram van Erkel, 1991), Leven en dood van Quidam Quidam (Maria Uitde­haag en Robert Wiering, 1999) en Flikken Maas­tricht (2016). Nam afscheid met het video­portret Een laatste wil van acteur Johan Ooms (Eveline van Dijck, 2020). 
Hans Scheep­maker
69, Den Haag, 2 augustus 2020 Neder­lands regis­seur. Eindex­amen Filmacad­emie als regis­seur van Het bewijs (1980), na eerst de Konin­klijke Acad­emie van Beeldende Kunsten in Den Haag te hebben voltooid (1974). Maakte achtereen­vol­gens twee genre­films, in de jaren 80 nog een zeldza­amheid in Neder­land, voor produ­cent Henk Bos: de eerste Baan­tjer-verfilming Moord in extase (met Joop Doderer als inspecteur De Cock; 1984) en de Engel­stalige oorlogs­film over de Kore­aanse Oorlog Field of Honor/​Veld van eer (1986). Zou daarna nog één lange speelfilm regis­seren, Als je verliefd wordt (2012), een remake van het eveneens door Rob Houwer gepro­duceerde Hoge hakken, echte liefde (Dimitri Frenkel Frank, 1981). Scheep­maker regis­seerde ook de door hemzelf gepro­duceerde korte horror­film De nimf (1982). Second unitregis­seur van Wild­schut (Bobby Eerhart, 1985) en Kameleon 2 (Steven de Jong, 2005). Regis­seerde vele aflev­eringen van tv-series, onder meer Flodder (1993−98), Goud­kust (1996−99), West­en­wind (1999−2002), Van jonge leu en oale groond (2007), Voet­balvrouwen (2007−09), Spangas (2008−11) en Kameleon de serie (2018). Speelde in The Direc­tors, een band met Neder­landse regis­seurs als Dick Maas, George Schouten, Leon de Winter, Ate de Jong, Esmé Lammers en Nouchka van Brakel. 
Aart Staartjes
81, Groningen, 12 januari 2020 Neder­lands acteur en tele­visiemaker. Zeer popu­lair als acteur in veelal inno­vatieve jeugdprogramma’s op tele­visie, zoals Woord voor woord (Bijbelvertellingen door Karel Eykman en anderen; 1967 – 72), De Straten­makeropzeeshow (tevens bedenker en regis­seur; 1972 – 74), De film van ome Willem (tevens bedenker en regis­seur; 1974 – 89), J.J. de Bom v/​h De Kindervriend’ (1979−81), Sesam­straat (als de knor­rige meneer Aart’; 1984 – 2009), Klokhuis (1988−2019), Het gordi­jn­paleis van Ollie Hart­moed (Norbert ter Hall, 2011) en als gastheer van Sinterk­laas bij de NOS/NPS/NTR (1982−2001). Eindex­amen Toneelschool Amsterdam (1961), daarna onder meer verbonden aan de gezelschappen Nieuw Rotter­dams Toneel, Theater en Studio. Enkele film­rollen: hoof­drol van een tv-verslaggever in Ibiza, zon en zonde (Roeland Kerbosch, 1969), de titelrol van Pinkeltje (Harrie Geelen, 1978), Martijn en de magiër (Karst van der Meulen, 1979), de tv-series Waltz (top-billed; Norbert ter Hall, 2006) en Als de dijken breken (Hans Herbots, 2016), als zwerver in Rade­loos (Dave Schram, 2008), de korte films Arie (Michiel ten Horn, 2009) en Lappen (Menno Boersma en Bonnie Faber, 2016), in Spaak (Steven de Jong, 2017) en Bloody Marie (Lennert Hillege en Guido van Driel, 2019). Leende zijn stem aan person­ages in De Fabelt­jeskrant (als Rocus, de vogel; Cock Andreoli, 1968), Pippi Långstrump/​Pippi Langkous (Olé Hellbom, 1969), de korte animatiefilm David (Paul Driessen, 1977), The Rescuers/​De reddertjes (Wolf­gang Reitherman, John Louns­bery en Art Stevens, 1977) en Het bombarde­ment (Ate de Jong, 2012). 
Jaap Stobbe
83, Amsterdam, 21 februari 2020 Neder­lands acteur, clown en spreek­stalmeester. Veel tele­visie, met name kinder­series, zowel Peppi & Kokki als Bassie & Adriaan (als de Plaaggeest), maar ook als Lowi­etje in Baan­tjer (1995−96) en in De Dageraad (Frank Zichem, 1991). Speelde begin jaren 60 al mee in sketches van de Moun­ties. Hoof­drol in de kinder­serie De poppenkraam (1980−85). Kleine rollen in series als Hollands Glorie (Walter van der Kamp, 1977), Medisch Centrum West (1989) en De brug (Rimko Haanstra, 1990). Vanaf 1978 met enige regel­maat op Duitse tele­visie te zien. Een aantal film­rollen, vooral onder regie van Wim Verstappen: Pastorale 1943 (1978), Grijp­stra & De Gier (1979), Het verboden baccha­naal (1981), Zwarte Ruiter (1983) en De ratelrat (1987). Eerste film: Naakt over de schut­ting (Frans Weisz, 1973). Meest gewaardeerde rol was wellicht die van psychi­a­trisch patiënt Dirk in Te gek om los te lopen (Guido Pieters, 1981). Ook in films als Peppi en Kokki bij de marine – Het geheim van komman­dant Plus (Nan de Vries, 1976), Knokken voor twee (Karst van der Meulen, 1982), Op hoop van zegen (Pieters, 1986), Amster­damned (Dick Maas, 1988), de korte studen­ten­film Zwembad (Dorothee Keverkamp, 1994), Madelief: Krassen in het tafel­blad (Ineke Houtman, 1998) en SuperTex (Jan Schütte, 2003). Stemac­teur in de Neder­landse nasyn­chro­nisatie van buiten­landse fami­liefilms als The Indian in the Cupboard/​Indiaan in de kast (Frank Oz, 1995), 101 Dalma­tians (Stephen Herek, 1996), The Adven­tures of Pinocchio/​Carlo Collodi’s Pinoc­chio (Steve Barron, 1996) en de serie Pippi Longstocking/​Pippi Langkous (Paul Riley, 1998). Maakte voor Bassie & Adriaan ook de draai­boeken en verzorgde de productie. Schreef vijf aflev­eringen van de sitcom Ha die pa! (1993).
Hans Verhagen
81, Amsterdam, 10 april 2020 Neder­lands dichter, schilder en tele­visiemaker. Publiceerde begin jaren 60 in het tijd­schrift Gard Sivik. Eerste offi­cieel uitgegeven dicht­bundel was Rozen en motoren (1963). Een van de samen­stellers, tevens schri­jver, ontwerper, inter­viewer en produ­cent, van het legen­darische VPRO-programma Hoepla (samen met Willem de Ridder, Wim T. Schip­pers en Wim van der Linden; regie Gied Jaspars en Trino Flothuis, 1967). Leverde daarna cruciale bijdragen aan wat bekend zou worden als de VPRO-school in de docu­men­taire. Onder meer item­regis­seur voor Het Gat van Neder­land (1972) en regis­seur van Vast­ber­aden, maar soepel en met mate (een docu­men­tair onder­zoek naar Neder­land tussen 1938 en 1948; samen met HJA Hofland en Hans Keller, 1974), dat naar analogie van het Franse Le chagrin et la pitié (Marcel Ophüls, 1969) nuancering tracht aan te brengen in het beeld dat er alleen verzetshelden en collab­o­ra­teurs geweest waren. Ook maakte Verhagen De trap naar zee (over zijn geboorteplaats Vlissingen; 1975), Hol van de leeuw (1976), Geschiedenis van een plek (over kamp Amers­foort, samen met Armando; 1978) en Heilige plaatsen (1984). Presen­tator en samen­steller van de talk­show Verha­gen­cadabra (Wim T. Schip­pers, 1979), onder redactie van Keller, Jan Mulder en Jules Deelder. De toon was zo ontspannen dat de kijkers er niet veel van begrepen en het programma al na vijf aflev­eringen verd­ween. Laatste tv-werk was vermoedelijk een inter­view­pro­gramma met gewone mensen’ voor VOO, Dag en nacht: een etmaal in Amsterdam (redactie met H.J. Hofland en Hans Keller; 1984). Na dat jaar geen tele­visie meer, vooral actief als schilder. Hoofd­per­soon van de docu­men­taire Hans Verhagen: arche­oloog van de emotie (Fons Dellen, 2009). P.C. Hooft­prijs 2009 voor poëzie. 
© Foto\‘s
Peter van Bueren – Felix Kalkman René Daalder – Daniel Miller Jochgem van Dijk – VPRO Archief Thomas Elsaesser – Jan de Groen Bob Fosko – Marc Driessen Boris Gerrets – Pier van Elsen Pieter Goed­ings – n.n.b. Wessel van der Hammen – Yvonne Scholten Nicolai van der Heyde – Augus­tine Huijsser Barbara Hin – Jacinta Hin Jaap van Hoewijk – Char­lotte Bogaert Hans Keller – VPRO Archief Johan Ooms – Paul Koeleman Hans Scheep­maker – George Schouten Jaap Stobbe – ANP Kippa Aart Staartjes – Paul Staartjes Hans Verhage – Maarten Slag­boom Voor nog meer uitge­breide artikelen over en beeld­frag­menten van film­per­son­ages uit binnen- en buiten­land, zie Het Schim­men­rijk
ga terug

Partners

NPO Vm Nfs diap 1 5xLogo volkskrantVL LOGO LIGGEND COMPLEET 2021 diapLogo NFFLogo DioraphteFonds 21 Logo WIT 01