wo 04 sep 2019

De 7 Gouden Vragen Aan… Jeroen Scholten van Aschat

In de rubriek De 7 Gouden Vragen Aan… voelt het NFF een talent uit de wereld van film, televisie en interactive aan de tand. Afgelopen tijd interviewden we al heel wat van deze talenten voor de rubriek De 7 Gouden Vragen Aan… zoals Mischa Kamp en Anniek Pheifer. Dit keer spraken we met Jeroen Scholten van Aschat, scenarist van NOCTURNE en DE LIBI, die te zien zijn op het Nederlands Film Festival 2019.

1. Wat is voor jou het meest memorabele moment uit je carrière tot nu toe?
Dit was een memorabel jaar voor mij, omdat de eerste twee speelfilms uitkwamen waaraan ik geschreven heb. De premières van NOCTURNE, in Rotterdam op het IFFR, en DE LIBI, in een vol Tuschinski, vergeet ik nooit meer.

Desondanks zijn het kleinere menselijke momenten die het meest beklijven. Ik deed bijvoorbeeld een Q&A na een vertoning van NOCTURNE in De Uitkijk, een kleine bioscoop in Amsterdam. Het was een warme lenteavond en er waren nauwelijks bezoekers, dus van die Q&A kwam niets terecht. Toch was er één vrouw, een kunsthistorica, die diep geraakt was door de film en er graag met mij over wilde praten. We hebben de hele avond en nacht aan de bar gehangen, bier gedronken en gediscussieerd over de film, tot we de tijd waren vergeten en de bar dicht ging. Weken later stuurde ze me ook nog een persoonlijke mail. Een ander moment, een tijdje terug, was een Instagrambericht van een jongen die na het zien van DE LIBI samen met zijn vrienden een Canta had gekocht. Ze hadden een foto gemaakt waarin ze een moment van de film nabootsten en er muziek van de film onder hadden gezet.

Het is voor mij als schrijver soms al een onwerkelijke ervaring dat de ideeën die ik op papier zet na een heel productieproces uiteindelijk op een groot wit doek geprojecteerd worden. Als wildvreemde mensen zich dan herkennen in iets wat je hebt bedacht, en er door geraakt zijn, voelt dat ergens heel intiem. Het ontroert me.

2. Hoe ben je ooit begonnen met het schrijven van filmscripts?
Tijdens het schrijven van mijn bachelorscriptie psychologie zat ik vaak voor me uit te staren in de mediatheek en bestudeerde ik het gedrag van andere studenten. Ik maakte er personages van en bedacht korte verhalen of dramatische scènes, en merkte dat ik dat veel leuker vond dan het schrijven van m’n scriptie. Later ben ik met m’n vader gaan sparren. We gaven elkaar opdrachten voor scènes of verhalen en bespraken dan samen wat we hadden geschreven. Toen voelde ik dat dit eigenlijk was wat ik altijd al had willen doen. Pas op de filmacademie leerde ik wat filmmaken is en wat het betekent om echt een filmscript te schrijven.

3. Kun je vertellen waar je vaak inspiratie vandaan haalt voor je verhalen?
Als ik ruimte voor nieuwe filmideeën in m’n hoofd heb, dan kan inspiratie overal vandaan komen. Krantenartikelen, boeken, muziek, theater, andere films of gewoon het dagelijks leven dat aan me voorbijtrekt. Ik denk dat je, als je er voor open staat en echt nieuwsgierig bent, overal verhalen kunt vinden. De beste details voor een scène komen vaak uit anekdotes van mensen. Het echte leven is zo dramatisch, poëtisch of komisch dat je het meestal niet beter kan verzinnen.

4. Wat is nou echt een Nederlandse film die je gezien móet hebben?
Laatst kreeg ik van een vriend voor mijn verjaardag een fotoboek met foto’s uit heel Nederland. Het boek onderzocht de Nederlandse identiteit door beelden. Ik besefte dat ik Nederland niet zo goed ken. Ik ben vaker in Berlijn, Barcelona of New York geweest, dan in Groningen of Breda. Dat is eigenlijk absurd. Wat voor effect heeft dat op de soort verhalen die ik verzin, of de films die ik maak? Twee prachtige films die Nederland allebei op een heel andere manier laten zien zijn DE NOORDERLINGEN van Alex van Warmerdam en TURKS FRUIT van Paul Verhoeven. Sowieso zou ik alle films van Bert Haanstra aanraden.

5. Over wie/wat zou je graag nog eens een scenario schrijven? Waarom?
Soms kom je verhalen tegen die direct dwars door je ziel snijden. Een aantal jaar geleden hoorde ik een waargebeurd verhaal dat altijd in mijn hoofd is blijven hangen en waar ik nog steeds een film over wil schrijven. Het ging over een goedhartige Vlaamse bakker die een kamer boven zijn bakkerij verhuurde aan een illegaal Oezbeeks koppel. Toen de Oezbeekse man ervandoor ging en de vrouw de huur niet kon betalen, liet de bakker haar in de kamer wonen zonder er geld voor te vragen. Zelfs toen de bakkerij failliet ging, bood hij haar een kamer in zijn eigen huis aan. Terwijl hij steeds meer dronk en depressief raakte van zijn faillissement begon zij het huishouden op zich te nemen en voor hem te zorgen. Hoewel ze elkaars taal nauwelijks spraken, bloeide er een liefde tussen de twee op. Ze raakten dakloos en zwierven samen een jaar over straat tussen verschillende opvangcentra, maar de liefde hield hen op de been. Later vonden ze weer werk en een huurwoning. Zij begon te sparen voor een eigen schoonheidssalon en ze reisden samen naar Oezbekistan om te trouwen voor haar familie. Het meest poëtische vond ik nog dat de vrouw ooit uit Oezbekistan was vertrokken omdat ze last had van astma.

6. Is het makkelijker om alleen of samen met iemand een script te schrijven?
Ik vind schrijven nooit makkelijk, maar het is zeker leuker en minder eenzaam om met iemand anders aan een script te werken, omdat je elkaar kan inspireren en verrassen met een perspectief op het verhaal waar je zelf nog niet aan had gedacht. Het ontwikkelen van plot gaat vaak sneller als je met z’n tweeën bent, maar een nieuwe versie van een treatment of script schrijven doe ik liever alleen.

7. Voor wie uit jouw vak heb je veel bewondering?
Ik bewonder Ruben Östlund, een Zweedse regisseur die zijn eigen scenario’s schrijft. Zijn sociologische blik op de worsteling van de mens tussen zijn beschavingsideaal en zijn dierlijk instinct vind ik pijnlijk, ontwapenend en hilarisch tegelijk. Verder heb ik veel bewondering voor mijn vrienden Ashar Medina en Wander Theunis, twee jonge scenaristen met wie ik ben afgestudeerd aan de filmacademie, die op de deur kloppen. Naast dat ze heel talentvol zijn hebben ze allebei een enorme schat aan filmkennis, iets waar ik vaak jaloers op ben.

Fotocredit: Lauren Murphy


Info & tickets voor NOCTURNE   Info & tickets voor DE LIBI