|
Altijd zomer
Wim is twaalf jaar. Zijn vader heeft een manege, maar is kort geleden omgekomen tijdens een val van een paard. Wim voelt zich schuldig over de dood van zijn vader, maar kan met niemand over zijn verwarde gevoelens praten. Zijn verdriet over zoveel onbegrip verandert langzamerhand in blinde woede.
|