Een jonge Nederlandse vrouw laat al haar bezittingen achter en vertrekt met een tent en wat schamele bezittingen naar Ierland. Al rondzwervend door het ruige landschap stuit zij op het afgezonderd gelegen huis van de vijftiger Martin. Aangetrokken door de vrijheid die de omgeving oproept, blijft ze er rondhangen. Na het eerste fragiele contact tussen de twee ontstaat een prille band tussen de Einzelgängers. Hij biedt haar kost en inwoning aan in ruil voor werkzaamheden in en om het huis. Zij gaat akkoord op voorwaarde dat zij geen persoonlijk contact hebben. Beide proberen de afstand tussen elkaar vervolgens in stand te houden, terwijl zij stiekem verlangen naar een persoonlijkere band.
In dit speelfilmdebuut van Urszula Antoniak benadrukt het vijandige, stugge Ierse landschap de hang naar vrijheid van de hoofdpersonages. Zij verdwijnen erin: hun kleding en haarkleur werken camouflerend en door de vele wide-shots worden ze stipjes in het land.